Fysiotherapie / Manuele therapie
  0115-690649
b.g.g 06-29022136 / 0117-382270

Schoudernetwerk Zeeland

Schoudernetwerk Zeeland logoHet SchouderNetwerk Zeeland is een groep 40 Zeeuwse fysiotherapeuten die als doel hebben
de schouderfysiotherapie in de provincie Zeeland te optimaliseren.
We doen dit door:

  • Specifieke scholing/cursus rondom de schouder voor netwerkleden
  • Jaarlijks 4 bijeenkomsten voor netwerkleden om het kennis- en vaardigheidsniveau te verbeteren
  • Samenwerking en afstemming zoeken met andere hulpverleners in Zeeland die zich ook specifiek met de schouder bezig houden

Schouderklachten

schouder-slijmbeursBij de huisarts komen 15 á 25 per 1000 patiënten per jaar met schouderklachten. Maar bij de bevolking bedraagt dit 160 per 1.000 mensen (NHG standaard). Schouderklachten komen dus veel voor.
Het schoudergewricht is een van de meest gecompliceerde gewrichten van het lichaam om te onderzoeken en te behandelen dat komt door zijn bouw. Bovendien is de schouder niet één gewricht maar bestaat de schouder uit meer gewrichten en spelen ook de romp en de nek een belangrijke rol bij schouderbewegingen.
Het is daarom belangrijk dat u weet hoe het gewricht gebouwd is, hoe het werkt, wat de meest voorkomende schouderklachten zijn, wat de fysiotherapeut er aan kan doen en welke oefeningen u voor de revalidatie nodig heeft.

Anatomie

Het schoudergewricht zelf bestaat uit een kop (caput humeri) en een kom (glenoid). Omdat de kom kleiner is dan de kop wordt deze verbreedt met een kraakbeenring (labrum). De kop en de kom worden bijeen gehouden door kapsel en banden (ligamenten). Deze banden zitten vrij los om het gewricht heen en zorgen in een uiterste geval voor dat de arm niet uit de kom gaat. De kop en de kom zijn bekleed met kraakbeen. Hier tussen bevindt zich een laagje gewrichtsvocht om het gewicht soepel te laten bewegen. Om het gewricht zitten 4 spieren en deze fungeren als een corset (of manchet). Deze spieren worden de rotator-cuff spieren genoemd. De rotator-cuff bestaat uit de M.supraspinatus, M.infraspinatus, M.teres minor en M.subscapularis. Deze spieren horen sterk te zijn zodat ze de schouderbewegingen goed kunnen begeleiden en coördineren.
De kom is een onderdeel van het schouderblad (scapula). Het schouderblad fungeert als een soort hefboom. Het schouderblad wordt ook weer bestuurd door een aantal spieren. De axioscapulare spieren onder andere de monnikskapspier(M.trapezius).
Aan de bovenkant van het schoudergewricht zit een botstuk (Acromion) en een stevige band (lig coracoacromiale). Dit wordt ook wel het schouderdak genoemd. Hier onderdoor lopen een aantal pezen en een slijmbeurs (bursa). Een slijmbeurs is een met vocht gevuld vlies. Dit gevulde vlies zorgt er voor dat de pezen zich niet kapot schuren aan het bot.

Functie van de schouder

De schouder kan vooruit en zijwaarts een bewegingsuitslag van 180° maken. Voor deze beweging is niet alleen het schoudergewricht verantwoordelijk. De eerst 90° komt uit het schoudergewricht de volgende 80° komt uit het schoudercomplex (gewrichten tussen schouderblad, borstbeen en sleutelbeen). De laatste 10° komen uit de wervelkolom. De eerste en tweede rib spelen ook een belangrijke rol bij de armbeweging.
Voor de juiste coördinatie van de bewegingen en stabilisatie van schouder zijn de manchetspieren en schouderbladspieren (Rotator-cuff en Axioscapulaire musculatuur) verantwoordelijk. Het is dus van belang dat er aan deze spieren in de revalidatie aandacht wordt besteed.

Schouderklachten

Met een val of een ongeval is de oorzaak voor schouderklachten duidelijk, maar schouderklachten ontstaan meestal niet zomaar. Vaak gaan er al jaren aan vooraf zonder dat er klachten zijn. Over het algemeen is spierzwakte de oorzaak voor de meeste schouderklachten. Hierdoor wordt het gewricht niet meer goed gestuurd en ontstaan er andere problemen. De klachten ontstaan door overbelasting, waarbij er een disbalans is tussen belasting en de belastbaarheid van het weefsel.
Schouderklachten worden bijna altijd in de bovenarm aangegeven, dit komt dat de zenuw die in het schoudergewricht loopt een tak heeft die loopt naar de huid die ligt op de bovenarm. Wij mensen voelen beter onze huid dan onze gewrichten. De hersenen denken dat de pijn uit de huid komt en projecteert het daar (weerpijn).